Ga naar de inhoud

Veelgestelde vragen

Voor sommige bezoekers is de GGD vrij onbekend. Mocht u vragen hebben: de meest gestelde vragen staan hieronder. Staat uw vraag er niet bij? Neem gerust contact met ons op!

Wat is publieke gezondheidszorg?

De publieke gezondheidszorg richt zich op de zorg voor de gezondheid van de bevolking en risicogroepen. Deze zorg vult daarmee de reguliere zorg aan, die met name gericht is op de genezing (cure) en verzorging (care) van individuele patiënten op het moment dat hun gezondheid al geschaad is. De publieke gezondheidszorg is vastgelegd in de Wet Publieke Gezondheid (WPG). Deze wet beschrijft collectieve preventie, infectieziektebestrijding en jeugdgezondheidszorg.

Waarom is er een GGD?

De gemeenten zijn op basis van de WPG verantwoordelijk voor de uitvoering van de taken voor de publieke gezondheidszorg. Ook staat in deze wet dat gemeenten wettelijk verplicht zijn een gemeentelijke gezondheidsdienst (GGD) in stand te houden voor de uitvoering van taken op het gebied van de publieke gezondheidszorg. De GGD houdt zich onder andere bezig met het opsporen en bestrijden van gezondheidsrisico's, een gezonde en veilige omgeving en een gezonde leefstijl.

Welke wetten gelden voor gemeenten op het gebied van de publieke gezondheid?

Er zijn een aantal zorgtaken op het gebied van de publieke gezondheid waaraan de gemeente bij wet moet voldoen. De GGD voert een deel van deze zorgtaken voor de gemeente uit. 

Wat zijn de minimumtaken van de GGD?

De Wet Publieke Gezondheid (WPG) noemt de volgende taakvelden:

1. Infectieziektebestrijding
2. Medische milieukunde
3. Technische hygiënezorg
4. Gezondheidsbevordering
5. Openbare geestelijke gezondheidszorg
6. Jeugdgezondheidszorg

Wie betaalt de GGD?

De gemeenten betalen het grootste deel van de kosten van de GGD via de inwonerbijdrage. Het is een van de taken waarvoor de gemeenten een uitkering krijgen in het Gemeentefonds. De GGD heeft ook inkomsten op basis van productafspraken met individuele gemeenten, van particuliere bezoekers en organisaties en via subsidies.