Ga naar de inhoud

Hij kijkt een beetje zuur

5 manieren om je baby met reflux te helpen

Jori is drie maanden oud en zijn moeder streelt bezorgd zijn haartjes. Hij kijkt me intussen tevreden aan. Helemaal op zijn gemak bij mama op schoot. Opeens vertrekt zijn gezichtje: een dikke frons verschijnt in zijn wenkbrauwen en een rare grimas rond zijn mond. Hij kijkt een beetje zuur.  Zijn lijfje beweegt onrustig.“Doet hij dit vaker?” vraag ik.

Een rare grimas

 “Ik ben zo moe! De hele dag wil hij bij mij op de arm. Als ik hem weg leg is het krijsen. En met de fles zijn we uren bezig: hij begint enthousiast, maar na een tijdje draait hij steeds zijn hoofd weg en huilt. Wat is er toch met hem aan de hand?”
Jori is drie maanden oud en zijn moeder Andrea streelt bezorgd zijn haartjes*. Hij kijkt me intussen tevreden aan. Helemaal op zijn gemak bij mama op schoot. Opeens vertrekt zijn gezichtje: een dikke frons verschijnt in zijn wenkbrauwen en een rare grimas rond zijn mond. Hij kijkt een beetje zuur. Zijn lijfje beweegt onrustig.
“Doet hij dit vaker?” vraag ik.
“Ja regelmatig”
“Heeft hij last van oprispingen en slikkerigheid?”
“Nou en of! De hele dag door. Als hij in bed ligt wordt hij er wakker van.”

Gevecht met de fles

Na nog wat vragen en een lichamelijk onderzoek vertel ik Andrea dat Jori waarschijnlijk last heeft van reflux. De inhoud van zijn maag komt omhoog via de slokdarm tot in zijn keel. Hij moet het weer wegslikken. Dat voelt vervelend, soms doet het even pijn. De lekkere voedzame melk is Jori’s beste vriend, maar tegelijk ook een beetje de vijand. Want hoe voller zijn maagje, hoe meer last hij heeft. Vandaar zijn gevecht met de fles.
Het goede nieuws is: de klachten worden vanzelf minder en zijn vaak vóór de eerste verjaardag verdwenen. Maar in de tussentijd dan?

Ik bespreek met Andrea 5 manieren om je baby met reflux te helpen:

  1. Houd je baby tot een half uur na de voeding rechtop. Zo laat je de zwaartekracht een handje helpen. Doe geen drukke spelletjes met hem.
  2. Geef hem vaker kleinere beetjes, bijvoorbeeld 7 of 8 voedingen in plaats van 5 of 6. Zodat het maagje niet te vol wordt. Soms wil je baby voeding als troost na een oprisping: niet doen als het maagje al gevuld is!
  3. Geef je kunstvoeding? Die kun je indikken. Zo komt het minder makkelijk omhoog. Dit doe je met johannesbroodpitmeel. Of gebruik een antireflux (A.R.) voeding. Let op: de ontlasting kan hierdoor dikker of dunner worden.
  4. In buikligging is de reflux minder. Dit is een goede houding als je baby wakker is of op jouw borst slaapt. Leg hem in bed wél op zijn rug te slapen, dat verkleint de kans op wiegendood
  5. Zorg voor rust en regelmaat. Dan is je baby uitgerust en huilt minder, wat een gunstige invloed heeft op de reflux.

Een maand later

“Al met al ben ik er behoorlijk druk mee” vertelt Andrea bij haar volgende bezoek. “En de babytijd is echt anders dan we hadden verwacht. Maar ik ben blij dat ik nu weet wat er aan de hand is. En hoe ik Jori kan helpen. Ik voel me niet meer onzeker. Jori drinkt nog steeds geen grote hoeveelheden. En het duurt even voordat alles gezakt is. Ook ’s nachts moet ik hem nog voeden. Maar hij groeit goed! En ik merk dat Jori vrolijker is geworden en steeds minder huilt.”

Meer weten?

Bel het opvoedspreekuur, chat met een jeugdverpleegkundige of neem contact op met je consultatiebureau. Kijk op ggdru.nl voor al onze contactmogelijkheden.

*Alle namen zijn verzonnen

Geschreven door jeugdarts Wilma Hüpscher