Ga naar de inhoud Ga naar het zoeken Ga naar het footermenu 
Zoeken

Van jeugdarts naar papa

 

Een maand geleden ben ik zelf vader geworden. De bevalling was een overweldigende mooie ervaring en daarnaast een enorme leerschool, ook voor mij als jeugdarts.  Het allerbelangrijkste leerpunt voor mezelf en nieuwe ouders? Goede communicatie.

‘Met het mes op tafel’ op TV; Herman van der Zandt is druk bezig. We krijgen er weinig van mee, want even daarvoor starten weeën bij mijn vrouw. We kijken elkaar aan: zijn dit weer oefenweeën of begint het nu écht? De verloskundige komt langs en geeft het verlossende woord: 2 centimeter ontsluiting. Haar zin “je gaat nu echt bevallen” komt flink binnen.

Een paar uur later met -12℃ naar het Geboortehuis. Vluchtkoffer mee, handdoek op de stoel, nog een wee voor het huis. De kamer is mooi, rustig, het bad is fijn, maar het is de interactie die het meest betekent: de verloskundige die ons aanmoedigt, de assistent die wat te drinken komt brengen, het persoonlijke berichtje dat al op de deur geschreven staat bij aankomst.

Na bijna 12 uur bevallen stokt het. De weeën zijn niet erg sterk en erg onregelmatig. Mijn vrouw heeft veel pijn en ik kan haar alleen aanmoedigen, steunen en een hand bieden die langzaamaan meer gevlekt en bekrast raakt. De communicatie weerspiegelt het onrustige verloop van de bevalling: mijn vrouw die om pijnstilling vraagt, de verloskundige die een overdracht naar het ziekenhuis bespreekt maar niet zeker weet of er wel plek is naast het Geboortehuis.

Gelukkig is er een verloskamer beschikbaar. Steeds is er een verpleegkundige bij ons en de klinisch verloskundige komt regelmatig langs. Van ons geboorteplan met zo min mogelijk ‘pottenkijkers’ komt weinig terecht, maar dat maakt ons op dit punt niets meer uit; als het maar goed komt.

Wat volgt is een aan- en afloop van mensen en handelingen. Sensoren, infuus ophogen, controles. Intussen blijven de weeën te zwak. De verloskundige doorloopt de interne hiërarchie en uiteindelijk komt de chef de clinique eraan te pas. Telkens worden – terecht – de zorgen besproken en moet de nieuwe collega weer onderzoek doen. Maar de communicatie begint steeds meer onrust uit te stralen, waarvan ik ook zie wat dit met mijn vrouw doet.

Uiteindelijk besluit de gynaecoloog om een knip te zetten en de vacuümpomp te gebruiken. Na 3 mislukte pogingen horen we dat er met ‘code 1’ een keizersnede ingezet wordt. Ik moet hollend achter mijn vrouw aan. Veel emoties en adrenaline bij mezelf, maar ik herinner me vooral de verpleegkundige die even een arm op mijn schouder legt en me bemoedigend toespreekt.

Eenmaal op de operatiekamer krijgt mijn vrouw een ruggenprik en zegt “ik kan nu eindelijk ontspannen”, waarvan iedereen zowel de ernst als de humor in kan zien, gezien de setting. De anesthesist houdt mijn vrouw rustig en vriendelijk aan de praat en voor we het weten horen we een huiltje: onze zoon is geboren.

Gelukkig gaat het inmiddels met beiden heel goed, maar in bovenstaand verhaal komt voor mij toch vooral het belang van goede communicatie naar boven. 

Voor mezelf was het een reminder aan hulpverleners: onderschat nooit het belang van goede communicatie. 

En voor (aanstaande) ouders en jongeren: durf ons als hulpverleners te blijven vragen waar je behoefte aan hebt, en bereid je voor op gesprekken met een arts. Bekijk ook eens de website “Bij de dokter? Drie goede vragen om daarbij te helpen!

Hajo Krol, jeugdarts