Ga naar de inhoud

Eenkennigheid

Uw peuter wil alleen bij u zijn en reageert angstig op vreemden. Dit wordt ook wel eenkennigheid of vreemdenangst genoemd. Eenkennigheid doet zich voor met de ouder erbij en kan duren tot uw kind ongeveer 18 maanden is.

Oorzaken van eenkennigheid

Als ouders biedt u uw kind structuur en geeft u uw kind veel aandacht. Uw kind gaat zich dan aan je hechten, voelt zich veilig bij u en bouwt vertrouwen in u op. Geleidelijk aan gaat uw kind steeds beter het onderscheid merken tussen de mensen die het goed kent en vertrouwt, en onbekenden.

Kenmerken van eenkennigheid

Sommige kinderen worden angstig als ze vreemden zien, gaan huilen en kruipen weg bij mama of papa. Eenkennigheid kan bij kinderen zeer intens zijn of nauwelijks of niet merkbaar zijn.

Niet hetzelfde als scheidingsangst

Eenkennigheid is niet hetzelfde als scheidingsangst. Scheidingsangst kan uw kind hebben als u weg gaat. Eenkennigheid is ook iets anders dan een tijdelijke voorkeur voor een van de ouders.

Vertrouwen groeit met de tijd

Breng uw kind regelmatig in contact met andere mensen. Uw kind leert dan om met andere mensen omgaan. Uw kind leert zich ook bij andere mensen meer op zijn gemak te voelen.

Uw kind leert steeds beter aangeven wat het wel wil en wat niet, wie het wel vertrouwt en wie niet. Het is goed dat uw kind kieskeurig is, het ontwikkelt de eigen identiteit.

Wat doet u als uw kind angstig reageert?

  • Accepteer dat uw kind bij u wegkruipt en dwing geen contact met 'de vreemde' af.
  • Stel uw kind gerust. Blijf hierbij zelf rustig. Maak er niet te veel een punt van. Uw kind krijgt anders een bevestiging van zijn angstig gevoel.
  • Vertel uw kind wie de persoon is.
  • Blijf zelf gewoon praten met de onbekende waar uw kind bang voor is en leg de ander uit dat uw kind op het moment wat eenkennig is.