Ga naar de inhoud

Bang

Jonge kinderen weten nog niet goed wat echt is en wat fantasie. Ze kunnen schaduwen op de muur van hun slaapkamer aanzien voor monsters, of ineens midden in de nacht bij u aan bed staan en zeggen: ‘Mam, er zit een spook in mijn kamer.’ Door die spoken en monsters kunnen ze bang worden om te gaan slapen.

De wereld van het kind

Sommige dingen begrijpt uw kind nog niet. Als u zegt: ‘Het huis staat op zijn kop,’ kan uw peuter daar echt van schrikken. Luister naar uw kind en neem het gevoel van uw kind serieus, want het is echt bang. Probeer te begrijpen hoe uw peuter de wereld ziet. Ga bijvoorbeeld samen naar het spook kijken. Als u er een grapje over maakt, begrijpt uw kind dit waarschijnlijk niet en zal het langer bang blijven dan nodig is. U kunt kinderen ook voorbereiden op moeilijke situaties, bijvoorbeeld door erover te praten of door er samen een boek over te lezen.

Angst kan versterkt worden

Angst kan worden versterkt, bijvoorbeeld door enge films, spookverhalen of bangmakerij door andere kinderen. Maak uw kind nooit bang. Soms doen we dit zonder dat we het in de gaten hebben, bijvoorbeeld als u erg schrikt van een spin.

Hoe gaat u om met kinderangsten?

  • Probeer kalm te blijven en probeer niet te veel uw eigen angst te laten zien. U kunt natuurlijk wel zeggen dat u iets ook spannend of een beetje eng vindt.
  • Neem het gevoel van uw kind serieus, want het is echt bang. Benoem die gevoelens op een rustige manier. Zeg bijvoorbeeld: ‘Ik merk dat je bang bent voor die hond.’
  • Stel uw kind gerust en probeer samen de situatie aan te gaan, maar forceer niets.
  • Geef uw kind meteen een compliment als het lukt rustig te blijven in enge situaties.
  • Help uw kind stap voor stap zich over angsten heen te zetten. Bij angst voor honden kunt u bijvoorbeeld eerst eens samen naar plaatjes van honden kijken, dan eens voorzichtig een kleine hond aaien en daarna een grotere.
  • Bouw de steun in enge situaties langzaam af. Als uw kind bijvoorbeeld achter u kruipt als jullie een hond tegenkomen, moedig het dan de volgende keer aan dicht naast u te blijven lopen en de keer daarna alleen uw hand vast te houden.

Vindt u dat uw kind te veel last heeft van angst en wilt u adviezen om de angst te verminderen, neem dan contact op met {het jgz} of de huisarts.